Het verhaal Bedepuszta

2002-2017

Het verhaal Bedepuszta

De eerste ontmoeting met Bedepuszta was in 2002. Hongaarse vrienden namen me mee met het idee dat we hier als vriendengroep allemaal een huis zouden moeten gaan kopen. De plek was betoverend, maar het dorp zelf en de weg er naar toe waren in erbarmelijke staat. Het duurde een volle twintig minuten met de auto, voordat we de anderhalve kilometer omhoog de vallei in, hadden afgelegd. Kuilen, stenen op de weg… maar ondertussen werd het uitzicht steeds adembenemender en rees de spanning: waar gaan we in Godesnaam heen?

Het dorp lag en ligt helemaal alleen in een lange, hoge vallei: als een holle kies. Van verre zag ik het liggen, een twintigtal kleine witte huisjes in een zee van groen. In die tijd was het dorp al hevig in verval. Roma families hadden de huizen van de boeren die in de jaren tachtig waren vertrokken overgenomen en bekommerden zich niet om onderhoud. De enorme fruitboomgaarden waren gekapt voor brandhout en leegstaande huizen waren van hun daken beroofd om het hout op te stoken in de kachels. Want alles, verwarming en koken, gebeurde met hout. De oude huizen waren gebouwd van leem; geweldig materiaal, goed isolerend, klimaat regulerend en fraai op de koop toe, maar indien blootgesteld aan de elementen transformeert een lemen huis zonder dak al snel tot een met struiken begroeide aarden wal waar alleen de bakstenen schoorsteen herinnert aan wat ooit een huis was.

Met spaargeld kocht ik het boerderijtje van een oud Hongaars vrouwtje. Een prachtig huisje met een erf vol kippen, zonder wc of stromend water. Na het contract getekend te hebben ontdekte ik dat ik niet dát huis, maar het huis van de buren had gekocht. Blijkbaar had ik het met mijn belabberde Hongaars verkeerd begrepen en had ze mij haar huis enkel laten zien omdat het identiek was. Enfin, eigenlijk werd het er alleen maar beter op, want dit huis had ook een mooie boomgaard en druivenranken.

Mijn Hongaarse vrienden hadden besloten om toch maar geen huis te kopen. Het dorp was wel erg slecht bereikbaar en de lokale Roma’s heetten ons niet echt welkom. Kleine deceptie die omsloeg in een grote deceptie toen iedere keer dat ik terugkeerde bleek, dat in mijn (lege) huis was ingebroken om een paar oude tegels uit de vloer te bikken.

Dieptepunt. Eigenlijk speelde ik in 2003 al met de gedachte om het op te geven toen twee Nederlandse vrienden, ervaren globetrotters die geïnteresseerd waren geraakt door mijn enthousiaste verhalen over Hongarije, een kijkje kwamen nemen. Zij waren gelijk verkocht en namen mij mee in hun positiviteit.

De volgende ochtend, terugkerend uit het dichtstbijzijnde dorp met brood onder onze armen, stonden we in ene oog in oog met de Roma chef. Een dikke man met borstelsnor in een vuil wit hemd, die erg zijn best deed om boos te kijken. ‘Wat doen jullie in ons dorp!,’ klonk het onder de snor. We antwoordden met ‘Vakantie’ en ‘Mooi hier!’ en nodigde hem uit voor een glaasje pálinka. Dat was een goede zet, een uur en tig pálinkaatjes later waren we in ene beste vrienden en nodigde hij ons bij hem thuis uit. Blijkbaar waren moeder en dochter al gewaarschuwd want het huis zag er piekfijn uit. Moeder en dochter zaten samen op het opgemaakte bed te wachten. Achter hen prijkten twee posters op de rode muur: de heilige Maria en een uitgevouwen seksposter. De goede man had al zijn boosheid nu laten varen en leidde ons rond door zijn voormalige boomgaard, waar hij bijna alle bomen had omgehakt voor het haardvuur, tweehonderd meter naar het bos lopen was blijkbaar teveel gevraagd. Ook de stallen kregen we te zien, op de vraag of hij ook dieren bezat schudde hij treurig nee. Ik grapte:’ Maar je hebt in ieder geval een hoop vliegen!’ Even leek het of de grap te ver ging voor een zo jonge vriendschap, maar de lach kwam terug onder de snor en met een ferme schouderklop werd ik geaccepteerd als echte Bedepuszta-er.

Met de jaren knapte we het huis beetje bij beetje op. De relatie met de meeste Roma was goed, er werd niet meer ingebroken, maar er was wel veel overlast en het verval zette onverhoopt door. De twee overgebleven Hongaren in het dorp hadden zich verschanst achter hoge hekken en probeerden zich af te sluiten van de rest van het dorp. Ik probeerde eerst of de Roma zelf interesse hadden om gezamenlijk weer iets moois van het dorp te maken. Leuke poging, maar onbegonnen werk. Als ik het dorp op zou willen knappen, dan moest ik het zelf doen.

Met de verdiensten uit het succes van Sziget Festival, had ik ondertussen voldoende financiële slagkracht om elders in het dorp een leegstaande Palóc boerderij te kopen. Mijn Nederlandse vrienden waren sinds 2003 regelmatig naar Bedepuszta teruggekomen en besloten een ander vrijgekomen huis te kopen. Dit bood mogelijkheden! We hadden nu de noordzijde van het dorp in handen, de verovering van Bedepuszta was begonnen!

De zaken met de Hongaarse festivals gingen goed, maar huizen kopen in Bedepuszta was niet zo eenvoudig als je zou denken. Een van de oorspronkelijke Hongaarse vrienden was in mijn oude huis gaan wonen en behartigde mijn belangen ter plaatse. Hij kwam met het plan om de huizen niet te kopen, maar te ruilen. Dit om te voorkomen dat ‘papa’ al het geld in no time op zou maken en de families zonder huis zouden komen te zitten. In de omgeving vonden we een goed huis in een dorp met een school wat we ruilden voor een huis in het dorp. Als één schaap over de dam is volgen er meer, maar in ons geval, niet altijd met evenveel gemak. In sommige huizen woonden wel drie families, wat erop neer kwam dat we soms drie goede huizen moesten kopen voor één bouwval. Beetje bij beetje, stap voor stap kwamen bij ons doel: het aankopen van huizen en land in het centrale en zuidelijke deel van het dorp.

Toen gebeurde een wonder! De burgermeester van Kisbárkány had subsidie aangevraagd voor het vernieuwen van de weg naar Bedepuszta. En jawel! Na een aantal maanden onzekerheid lag daar ineens een prachtige asfaltweg. Bovendien werd in ene haast gemaakt met de renovatie van de oude provinciale weg 21, de aansluiting op de M3 (de snelweg naar Boedapest), tot een prachtige tweebaans autoweg. Eén van de grote obstakels, de bereikbaarheid, is hiermee totaal opgelost.

Uiteindelijk wilden ook de Hongaren verkopen; het doel was bereikt!  Aan de oostkant van de dorp flankeren vier private huizen: het oude huis van de Hongaarse imker, het weekendhuis van een jager en de huizen van de ‘Hollandok’. Maar de rest van het dorp was nu één wijds speelveld voor grootse plannen.

Het volgende hoofdstuk was een enorme renovatie. De huizen moesten allemaal worden opgeknapt, het ontbrak nog aan voorzieningen zoals badkamers, toiletten en verwarming en de zuidzijde van het dorp moest worden omgetoverd tot evenemententerrein.

Naast de renovaties werden ook een aantal nieuwe huizen gebouwd. In traditionele stijl, door lokale werklui. Ook de inrichting gebeurd zoveel mogelijk met traditionele Hongaarse meubels en accessoires. Midden in het dorp, op een oude akker, werd een camping aangelegd, compleet met verlichting, wc’s, douches, wasruimte en een openluchtkeuken.

De ontwikkeling van het evenementen/recreatieterrein begon met de verbouwing van één van de gebouwtjes tot de huiskamer van het dorp: de Yonderbar. In de bar werd een enorme kemence gebouwd (dat is een gemetselde oven/houtkachel), er kwam een stoere toog en met allerhande antiek en een ratjetoe van in het dorp gevonden attributen, werd de Yonderbar één van de gezelligste bars in de Hongaarse provincie. Een kunstenaar uit Budapest zorgde tijdens het legen van onze pálinka voorraad, voor de finishing touch met een prachtige muurschildering van het aanzicht van Bedepuszta. Hongaarse zomers zijn heet, een zwembad was geen overbodige luxe, een luxe die nog completer werd door deze aan te leggen naast de Yonderbar. Nog leuker werd het rond de bar, door de aanleg van een terras en de bouw van een podium.

In 2013 vond het eerste evenement plaats in Bedepuszta: Sziget Detox. Dit evenement was een soort afterparty voor bezoekers van het Sziget Festival in Boedapest. Het idee hierachter was, dat mensen na een week feestvieren een paar dagen konden bijkomen in de natuur om ervaringen uit te wisselen en nog wat na te feesten. Op de eerste editie kwam schrijver Jaap Scholten voorlezen uit zijn boek ‘Heer en Meester’ en een aantal artiesten waaronder Douwe Bob speelde op het podium. Douwe Bob en Jaap Scholten waren ook van de partij in 2015, toen Sziget Detox groter werd aangepakt met een aantal Hongaarse bands, zoals Qualitons en  WH, een Shakespeare op muziek project van de zangeres van Irie Maffia. Het hoofdmenu was muzikanten collectief Jam de la Creme met o.a. Marcel Veenendaal en Coco Jones die ons en henzelf op het kleine podium van Bedepuszta, trakteerden op één van de meest memorabele en langste concerten in mijn herinnering, en dit geldt voor velen die erbij waren die dag. Toch bleek ook, dat velen die net een ruime week Sziget achter de kiezen hadden, meer behoefte hadden aan rust en slaap, dan aan nog meer concerten. Daarom werd Sziget Detox omgedoopt tot Sziget Retreat en programmeerden we de latere edities geen of weinig bands meer. In 2015, een verregende editie van Sziget Retreat, kwam nog wel de Nederlandse topband My Baby op bezoek.

Natuurlijk moet er ook ergens gegeten kunnen worden. Tussen het zwembad en de bar werd daarom een kolossaal paviljoen gebouwd, een overdekt houten gebouw van 200 vierkante meter, met 140 zitplaatsen en daartegenover een zomerkeuken met traditionele houtoven, groot genoeg om een heel varken in te garen.

Heuvelopwaarts werd een lichtpad aangelegd met hangmatten in de oude fruitbomen langszij en Hongaarse volksspelletjes op de weide leidend naar het Terem gebouw, een multifunctionele ruimte voor kunstenaars die ook gebruikt wordt als speelhonk, met een pingpongtafel, sjoelbakken, darts en een voetbalspel. In de schuur van Terem wordt een klein laboratorium gevestigd voor de productie van natuurlijke zeep en het destilleren van pálinka. Nog verder heuvelopwaarts loopt het lichtpad  naar Iskola, het schoolgebouw. Een mooie grote ruimte geschikt voor vergaderingen, yogaklassen, films, trainingen en in de toekomst zelfs als restaurant.

Bedepuszta is pas ‘klaar’ in augustus 2018, maar het dorp is wel eerder als geheel verhuurd. In 2016 voor Wicked Wedding, een waanzinnig bruiloftsfeest door de mensen van Amsterdam Roest en in 2017 aan het bedrijf WeTransfer voor een driedaagse experience met het gehele personeel. WeTransfer is een down- en upload dienst. Dat het dorp nog niet af was, was voor hen geen probleem, maar goed internet was voor hen een voorwaarde. Daarom en dankzij hen, hebben we middels een kilometerslange greppel glasvezel aan kunnen leggen, en zijn we in onze verborgen vallei uiteindelijk toch verbonden met de rest van de wereld.

Inmiddels zijn we toe aan de laatste stappen. Het inrichten van de huizen, de aanleg van de tuinen en binnenplaatsen en de laatste facilitaire kwesties. Af zal het dorp nooit zijn. We hebben grote plannen met betrekking tot circulariteit en bijzondere evenementen, meer daarover in 2019, maar voor nu kijken we uit naar augustus 2018, wanneer we het dorp met een bescheiden feestje voor geopend zullen kunnen verklaren.

 

  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •